Taal van de media
TV-presentator P. Lodiers na afloop van het gesprek tegen zijn gast: 'Mag ik je onwaarschijnlijk bedanken voor een mooie avond.' Zonder vraagteken.
Onwaarschijnlijk: overdreven, borstklopperig en er stellig van uitgaand dat gast en publiek denken dat iets 'onwaarschijnlijk' en dus goed wordt als je het maar zo noemt - en nog terecht ook, zo valt te vrezen. Onwaarschijnlijk gratuit.
TV-programma EenVandaag liet weten dat Noord-Korea een 'land vol geheimen' is, waar wél kinderfilms en kleding voor het westen worden geproduceerd. Vervolgens werd de kijker een vlijmscherpe vraag gesteld: 'Wist u bijvoorbeeld dat u - en misschien ook wel uw kinderen - meer met Noord-Korea hebben dan u bekend is?'
Eh...? Nee dus.
De Amsterdamse stadstoeter AT5 twittert: 'De mooie violiste Janine Jansen is te horen in de Nederlandse speelfilm Süskind.'
Kijk, dat is nou verkapt seksisme. Niet: 'de wereldberoemde', 'de geweldige' of desnoods 'de Amsterdamse' - nee: 'de mooie violiste'. Je kunt haar horen in die film, niet zien dus, maar: goed om te weten dat ze 'mooi' is.
Het valt al niet mee om mooi gevonden te worden; dit soort journalistiek suggereert ook nog eens dat je best aardig viool speelt ondanks je schoonheid. Ze had natuurlijk beter model kunnen zijn, of huisvrouw, zoals elke vrouw, maar omdat ze zo fraai oogt zien we dat gekke vioolgedoe even door de vingers.
Aan mannen refereren schrijvers van dit soort pulp anders - maar niet minder irritant: soundtracks zijn in hun idioom niet verzorgd door 'de welgeschapen Ennio Morricone', maar 'door de oude meester'. F. Halsema noemen ze trouwens altijd 'Femke', maar M. Rutte 'Rutte (zie ook hier). Lelijke journalistiek door lelijke schrijvers.
TV-reclame: ‘Bezoek dagelijks de molen van Sloten’. Op twee gedachten hinkende slogan: enerzijds heel zakelijk duidelijk willen maken dat die molen elke dag open is voor het publiek, maar er anderzijds zo’n wervende aanmoediging tegenaan gooien. Dat wringt: het gevolg lijkt een oproep om elke dag maar weer, uitentreuren, in en rond die vermaledijde molen te komen dwalen, tot de dood een verlossing is. Angstvisioenen van Hollandse vlaggetjes, klederdracht en grijsbebaarde molenaars.
'Niet meteen "seks" in de titel zetten, maar wel de suggestie ervan wekken', moet AVG hebben gedacht, toen het bedrijf een mailtje stuurde over de talloze voordelen van 'AVG PC TuneUp' bij het afstellen van je computersysteem, onder de kop 'Eerste keer gratis beurt'.

- 'Ben je zorgen te maken over uw privé-foto's in uw album kunnen krijgen uitgelekt?'
- 'Nee, maar heb ongerust over zijn tekst in advertenties verkeerd zal worden vertaald.'

Op 26 augustus las de Taaldokter in het Amsterdamse Concertgebouw een column voor over de taal van de Nederlandse Publieke Omroep en - alweer - de kunstsector, die hun samenwerking willen optimaliseren. Dat ook daarbij heldere taal onmisbaar is, daarvan leek de meerderheid van het illustere gezelschap toehoorders na afloop - na de onvermijdelijke aanvankelijke skepsis te hebben overwonen - wel overtuigd.
Lees de column hier: ![]()
.jpg)
Volgens het Parool gaat de gemeente Amstelveen 'het spijbelen van kinderen' aanpakken. Door verbodsborden waarop staat: 'Het is verboden kinderen te spijbelen'?Want die associatie met overgankelijke werkwoorden maakt de formulering wat vreemd: 'het spijbelen van kinderen' als 'het stelen van fruit'.
Ook als je die gedachtegang niet hebt, is het een merkwaardige constructie - door de nadrukkelijke implicatie dat in Amstelveen ook regelmatig wordt gespijbeld door andere bevolkingsgroepen ('Wethouder: "Het moet afgelopen zijn met het spijbelen van senioren"'). Gewoon 'het spijbelen' was dus ruimschoots voldoende geweest.
Gelukkig volgt nog dat fraaie 'oorlogse bewegingen'. 'Vooroorlogs' en 'naoorlogs' zijn heel gebruikelijk, maar 'oorlogs' niet. Dat kennen we alleen in samenstellingen: 'oorlogswinter', 'oorlogspaard'. Toch zou het best een effectief woord kunnen zijn in de betekenis 'zich afspelend tijdens de oorlog' - verwijzend naar de oorlogsperiode dus. Maar hier wordt het gebruikt in de betekenis van 'zoals tijdens een oorlog', of 'behorend bij een oorlog'. En daarvoor gebruiken we gewoonlijk de samenstelling 'oorlogsbewegingen'.
En weer hoorde de Taaldokter een voorbeeld van de klakkeloze wijze waarop sommige media de schaamteloos zelfpromotende terminologie overnemen van tweederangs acteurs, huppelzangeresjes, quasi-wetenschappers en handige zakenlui. Na de 'soapster', het 'stijlicoon' en de 'dieetgoeroe' kwam nu M. Dekkers langs als 'lingeriekoningin', waarmee de term 'begripsinflatie' weer een extra dimensie kreeg.
Amsterdams stadsomroep AT5 over de verslaggeving over de jaarlijkse 'Canal parade' (merkwaardig genoeg consequent uitgesproken als 'kennelpereet'):
'...en dan krijgt u er ook nog eens commentaar bij van niemand minder dan Cornald Maas. Hoe leuk is dat.' Zonder vraagteken.
Daarmee is 'Hoe leuk is dat' definitief doorgedrongen tot het media-idioom - niet als vraag, maar als stelling. Hoe irritant is dat.
Daar werden klokkenluiders, die het uit hoofde van hun functie al niet gemakkelijk hebben, even lelijk gedegradeerd in het NOS-journaal: 'Klokkenkluiders trekken aan de bel'. Je hoort er toch van op: ze waarschuwen niet, ze 'luiden' niet eens 'de noodklok' - het zijn gewoon ordinaire belletjetrekkers...
'Pling plong.'
'Wat was dat?'
'O niets, weer zo'n klokkenluider.'
Er waart een undercover-spook door Nederland. Zijn naam is A. Stegeman, van het tv-programma Undercover in Nederland. Een confronterend programma.
Stegeman opereert in de traditie van illustere voorgangers als W. Fréquin en P. Storms. Hun tactiek: vermeende misdadigers net zo lang met camera en microfoon lastigvallen tot ze publiekelijk een bekentenis afleggen.
Stegeman heeft daar nu een woord voor gevonden: confronteren. Hij 'confronteert' wat af. Op samenzweerderige toon vertrouwt hij de kijker toe: ‘Daar loopt de veroordeelde pedofiel, op weg naar een veertienjarig meisje. Hij weet niet dat dat eigenlijk onze redacteur is. Straks ga ik hem confronteren.’
'Nadat ik haar geconfronteerd had, wilde de oplichtster opeens niet meer praten.'
Confronteren. Maar waarmee dan? Dat doet niet ter zake bij Stegeman, de Grote Confrontator. Hij confronteert. Zonder voorzetselvoorwep. Heeft hij geleerd van Amerikaanse voorbeelden.
Confronteren. Klinkt krachtig, betekent weinig. Net als het programma. Het confronteert wel: met een zelfingenomen appel op ongearticuleerde onlustgevoelens en het gesundes Volksempfinden.
En ja hoor: denk je net van veel verkapt taalseksisme af te zijn omdat F. Halsema ('Femke') de Tweede Kamer heeft verlaten, is A. Hirsi Ali weer eens op de Nederlandse televisie - en prompt staan de commentaren op internet weer bol van het ge-'Ayaan', als was ze een persoonlijke vriendin van de schrijvers - hier en daar zelfs in één zin 'Ayaan' en 'Pauw' (die haar interviewt, zelf ook Ayaan-zegger). Hirsi Ali is Ayaan, Pauw is Pauw. Hou daar toch eens mee op (of spreek ook consequent over Mark, Piet Hein, Uri, Henk, Halbe, et cetera).
Zie ook: taalseksisme
De Taaldokter hoorde journalist P. Witteman het maar hebben over 'de Fensie': 'Hoe is de sfeer bij de Fensie?' 'Wat vindt de Fensie daar eigenlijk zelf van?' Bleek te gaan om 'defensie'. Kwam nogal primitief over. Of fensief, natuurlijk.
In het programma Ochtendspits van omroep WNL was de filmrecensent van de Telegraaf te gast: 'Die-en-die maakt films van dertien in een dozijn. En dit is de dertiende in het dozijn.'
Presentatrice: 'Oh. En is-ie een beetje anders, eh...?'
De Taaldokter hoorde EO's T. van den Brink ('Jan met de Tandjes') schijnbaar verbaasd en bijna verontwaardigd aan CDA-voorzitter H. Bleker vragen: 'Gebeuren er achter de schermen dingen die wij niet zien?', en verbaasde zich op zijn beurt over de vele associaties die één vraag kan oproepen:
- dat je wat 'achter de schermen' gebeurt niet ziet, is logisch - het woord zegt het al, zou Reve zeggen;
- dat je je daarover verbaast getuigt van een verregaande naïviteit;
- dat je je miskendheid daarover in zo'n geborneerde vraag ventileert is niet alleen lachwekkend en stupide, maar ook een getrouwe afspiegeling van de journalistieke tijdgeest.
Alweer bleek hier dat we het twijfelachtige niveau van onze politici voor een belangrijk deel mogen wijten aan de kwaliteit van hun interviewers; reden dat de Taaldokter het Bleker nauwelijks kwalijk nam dat die het zo'n beetje in het midden liet in plaats van te antwoorden: 'Goddank wel, ja.'
EO-presentator A. Knevel tijdens een spannend avondje CDA-watchen op tv: 'We krijgen net te horen dat de heer Klink in de kamer van heer Verhagen is gearriveerd.' Hij sprak het uit met dat typische toontje dat bedoeld is om enige ironische distantie door te laten klinken, maar daardoor leek het of hij iets onnoemelijk smerigs insinueerde. De heer Klink is in de kamer van de heer Verhagen gearriveerd.
Nederlandse tv-reclame anno 2010: 'Hoe groot is de kans dat uw kinderen bij anderen iets kapot maken? Vraag het uw adviseur.' En wat zegt 'mijn adviseur' dan? 'Heel groot'? 'Vijf procent'?
Pauw van Pauw en Witteman interviewde buitengemeen geïnteresseerd een jongedame die zich inzette voor het behoud of welzijn van een zeldzame diersoort aan de andere kant van de wereld; er leek even niets belangrijksers te zijn. Gelukkig konden we toen weer snel over tot de orde van de dag met middelbare mannen in pakken, en toen was het al weer tijd voor de afkondiging en de bedankjes aan de gasten, wie veel succes werd gewenst met hun uiterst belangwekkende bezigheden. 'En jij,... eh... succes met je diertjes!'
P. Witteman over oudejaarsavond: 'oudejaarsconferentie.'
Tijdens de Amerikaanse presidentsverkiezingen zeiden Nederlandse commentatoren op de Nederlandse tv regelmatig dat 'de raciale kwestie' in Amerika 'nog steeds een rol speelt', daarmee op subtiele wijze insinuerend dat dat hier natuurlijk in genen dele het geval is. Ze keken er over het algmeen wat meewarig bij.
De Taaldokter kreeg deze link toegestuurd, en moest er -zijns ondanks - om lachen: http://www.youtube.com/watch?v=MrbDCNvARuA.
Ligt dat nou aan een raar taalgevoel van de Taaldokter zelf, dat hij de belendende koppen op de voorpagina van dagblad De Telegraaf 'Dood door eigen vuur' en 'Dubbel goud' over respectievelijk een jammerlijk voorval met Nederlandse militairen in Afghanistan en Nederlandse winst bij het schaatsen zo merkwaardig vond?
Abonneer op de RSS feed