Troonrede 2018, hertaald

Landgenoten,

Om het nu eens niet over de dividendbelasting te hebben, maar over ‘opbouw’, ‘welvaart’, ‘democratische waarden’ en ‘vrijheid’ – en natuurlijk over ‘ons’, ‘samen’ én het Wilhelmus, vieren we binnenkort onze bevrijding van de Duitse overheersing.
Spielerei – U weet natuurlijk best waar het uiteindelijk om gaat. Die economie van ons, die is een soort uitdijend universum. Nu er geld is. Ook als dat er niet is, trouwens. We houden zelfs geld over – nou ja: onze schuld wordt kleiner. Niet klein genoeg om de volgende crisis te voorkomen, maar toch. U werkt bijna allemaal. Op bedrijventerreinen, achter beeldschermen, in vergaderkamers. En U betaalt meer voor Uw eten en drinken. Hartstikke goed! Helaas verdient U ook meer. Een beetje. Misschien. Gelukkig niet zo veel als grote bedrijven. Maar straks bieden ze U nog een vast contract aan, en mag U zes weken met vakantie als U een kind krijgt!

Daarom zijn maatregelen noodzakelijk. We hebben meer bedrijven nodig, en ze moeten rijker worden. We doen dus net of er andere problemen zijn waaraan we geld uitgeven, zodat die investeringen uiteindelijk de weg van alle geld kunnen gaan – innowasie, noemen we dat bij mij thuis.
Bijvoorbeeld aan militairen, die al 75 jaar doen of ze ons land veilig houden – zo lang ze niet al te opzichtig in de fout gaan.
En aan nieuwe huizen, als iemand die tenminste nog kan betalen. Of aan het platteland, totdat het leeggelopen is.
Aan agenten, dat U denkt dat die de criminaliteit, de afrekeningen en de vermenging van onder- en bovenwereld ooit nog de baas kunnen.
Aan oude mensen, zodat die zichzelf niet langer hoeven te amuseren.
Aan jonge ettertjes, zodat die anderen niet meer hoeven lastig te vallen.
Aan de koopverslaafden, zodat die hun eigen geld niet over de balk hoeven te smijten.
Aan het bewaren van ouwe meuk, dat U weet waar we vandaan komen.
Aan jonge kunstenmakers, dat U weet waar het naartoe gaat.
Aan die kinderen van U, zodat die straks ook genoeg geld hebben – tenminste, dat U dat denkt.

 

 

 

 

Daarvoor is het wel nodig dat U ook gaat denken, en dat taxeer ik zelf als een iets lastiger opgave, dat politici er weer voor U zijn, en niet andersom. ‘Weer’, begrijpt U? – Dat U denkt dat dat ooit inderdaad het geval was. Mij benieuwen. Want eerlijk gezegd stelt U nu al knap lastige vragen: die matige zorg, die dure huizen, die onzinbanen, dat verpieterende onderwijs, die verloederde buurten, dat afnemende pensioentje – verdwijnt zelfs dát? Tot nu toe snoert een snelle, pientere wedervraag – of U wel voldoende mét elkaar leeft, en niet te veel náást elkaar – U de mond, en gaat U weer aan de slag. Met Uw vrijwilligerswerk, voor kerk of sportvereniging. Heerlijk volk. Houwen zo.

Landgenoten, een waarschuwing is op zijn plaats. U werkt nog steeds niet hard genoeg, verdient te veel en gaat erg laat dood. Omdat u zo laat doodgaat, eet U meer en bent U vaker ziek. We geven dus wat geld aan boeren, vissers en verpleegkundigen. Niet te veel: het is natuurlijk voor iedereen beter als U – en die kinderen van U – straks iets minder zorg krijgen. En wat minder eten – rauw: hoogste tijd dat U dat klimaat nou eens écht verandert, en koken op gas is zó 2018. Kortom, anders wonen, langer werken en korter leven: goed voor onze innowasiekracht!

Helaas, landgenoten, hebben we ook te maken met andere landen. Sinds de zeventiende eeuw maken we daar het beste van en zeggen we dat we die nodig hebben voor onze welvaart, veiligheid en stabiliteit. Ze moeten wel op tijd betalen en geen grote mond hebben. Want anders gaan we ze helpen. Zo proberen we bedrijven zo gek te krijgen om in het Caribisch gebied te investeren.
Migranten ten slotte: gewoon naar school in het land waar ze vandaan komen en een beetje om het milieu denken. En wie hier onverhoopt tóch aankomt: aan het werk en de taal leren! Want U weet: de taal is gansch het volk. Aangezien verder gelukkig bijna niemand nog Nederlands leert, verdelen we de overgebleven leraren over de – technische – scholen. Innowasie!

Landgenoten, er is meer in het leven dan democratie. Dat kiesrecht van U bestaat in 2019 honderd jaar. En wat heeft het ons gebracht? Ja, sorry hoor. Weet dus dat er een speciale verantwoordelijkheid voor U is weggelegd. Wat mij betreft kan het vrijwillig, afstand doen. Denkt U er eens over. En weet U daarbij gesteund door ons nationale mantra: Innowasie. Volle kracht vooruit. Karren maar!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.