Waarom ‘genderneutrale’ taal niet deugt

Opgelegde taalveranderingen zijn zelden succesvol. Gelukkig maar, want ‘genderneutrale’ taal ademt precies wat hij wil voorkomen: hokjesgeest. Het is de humorloze,  pavloviaanse newspeak die we kennen uit 1984.

‘Genderneutrale’ wc’s rukken op, in de Londense metro is het stijlvolle ‘ladies and gentlemen’ vervangen door een zielloos ‘hello everyone’, en de gemeente Amsterdam gebruikt niet langer ‘geachte dames en heren’, maar ‘beste mensen’ of ‘geachte aanwezigen’. Hoofdstedelijke homo’s heten nu ‘lhbti-Amsterdammers’ en de NS stapt over op ‘beste reizigers’. Alledaagse formuleringen, waaruit een wereldbeeld spreekt waarin ‘gendercorrectheid’ prevaleert boven gezond verstand.

 

 

 

 

 

 

De reden? De ‘veelgebruikte tweedeling man of vrouw’ zou niet meer stroken met de werkelijkheid. Iedereen moet zich ’thuis voelen’ in stad of trein. ‘Inclusief’ is de term die in dit verband steeds valt. Wat dat precies betekent is onduidelijk, maar de suggestie is glashelder: wie nog ‘meneer’ of ‘mevrouw’ gebruikt, sluit anderen buiten en deugt dus niet.

Deze taal is het ultieme uitvloeisel van het Ik-tijdperk; ze weerspiegelt een samenleving die geobsedeerd is door identiteit, waarin iedereen recht heeft op ‘erkenning’ of ‘respect’, en zich anders ‘gekwetst’ mag betonen. Elke onwaarschijnlijke ‘genderidentiteit’ eist zijn naam op: transgender, cisgender, agender, bigender, binary, CAFAB (Coercively assigned female at birth), demigirl, femme, genderfluid, genderqueer, intersex, multigender, nonbinary, polygender, transfeminine, two spirit – het is maar een greep. Dit idioom wordt volstrekt betekenisloos door de pogingen er elke mogelijke uitzondering in te benoemen. Het navrante is dat deze ‘genderneutrale’ taal daarmee precies is waar de bedenkers ervan tegen zijn: hokjesdenken.

Gaan deze bedenksels werken? Natuurlijk niet: je kunt niet verwachten dat een ambtenaar het serieus heeft over ‘een persoon die bij de geboorte werd gezien als jongen’ – hoe prettig de betrokkene dat ook zou vinden. En een leek ziet helemaal door de bomen het bos niet meer. Maar vooral: veranderingen in taal hebben alleen succes als een meerderheid ze accepteert. Deze van hogerhand verordonneerde, hallucinogene afkortingen zijn voorbestemd voor de vergetelheid. Kansloos, ook omdat ze niet versimpelen, maar compliceren. Net zoals de voorgestelde voornaamwoorden ‘hen’ en ‘hun’. Ik durf wel te voorspellen dat geforceerde zinnen als Daar zit Charlie. Hen geeft mij hun boek nooit gewoon zullen worden. Van P.C. Hoofts vroeg-zeventiende-eeuwse voorstel voor een onderscheid tussen ‘hem’ en ‘hum’ is ook nooit meer iets vernomen. Nee, dan kun je beter streven naar één voornaamwoord (en één wc) voor iedereen: dat is pas ‘genderneutraal’ en ‘inclusief’.

Ook inhoudelijk kleven er grote bezwaren aan die taal. In de eerste plaats is zij niet onschuldig – sterker nog: woorden taboe verklaren dan wel verplicht stellen is een vorm van taalfascisme. Het reflecteert de gedachte achter de newspeak uit George Orwells 1984: een totalitaire taal waarmee je jouw gewenste wereldbeeld uitdrukt, en de (gedachten)vrijheid van andersdenkenden inperkt. Kennelijk heeft in Amsterdam en bij de NS het Ministry of Truth op basis van bellyfeel besloten tot goodthink waarin ‘dames en heren’ oldspeak is die moet worden ‘gerectificeerd’.
Ten tweede dreigen we door dit soort taaloekazes iets kostbaars te verliezen: spontaniteit, enige stijl, en een fundamenteel principe van wellevendheid: de meeste mensen vinden het fijn om beleefd te worden aangesproken. Voor de ouderen onder u: ‘Ze zei meneer tegen me.‘
En ten slotte: gehoor geven aan dit soort grillen uit angst om politiek incorrect te zijn, is onbenullig. Ronduit kwalijk is het om mee te gaan in de paranoïde framing dat je mensen niet erkent of buitensluit als je ze aanspreekt met ‘dames en heren’. Dat is geen symboolpolitiek – dat is veel erger: het is het humorloze, instrumentele, pavloviaanse gedrag dat we kennen uit 1984.

3 thoughts

  1. Het klopt… ik als transgenderpersoon die zelf crossgender is vind ook dat we niet de juiste weg inslaan door voor elke gender een aanspreekvorm te bedenken. Hoe zou je trouwens ooit kunnen weten of je de juiste aanspreekvorm gebruikt? Aangezien niet het uiterlijk maar de identiteit de basis is om de juiste te gebruiken. En dat staat niet op het voorhoofd van de persoon beschreven. Dus de kans dat je juist zit wordt dan wel heel miniem.

    Dat neemt niet weg dat de taal toch wel zal moeten aangepast worden. Of je het nu graag wil of niet. Want ja…. ik wil erkend worden en met evenveel respect worden behandeld als de rest van de wereld. En ja dat is omdat IK ook besta. Dus wil ik als crossgender niet aangesproken worden als mijnheer of mevrouw. Want dan voel ik me niet aangesproken.

    Het feit dat er zo veel verschillende gender-types bestaan en ook worden benoemd kan dan misschien volgens uw mening te ingewikkeld worden. Maar juist dat laat zien dat er meer is dan enkel mevrouw of mijnheer. Dus ok… we gaan best niet voor elke gendertype een aparte aanspreekvorm bedenken maar wel een aanspreekvorm die iedereen aanspreekt op een neutrale wijze. Dus genderneutraal is juist wel de oplossing. Beste reizigers… geachte toehoorders enz… is neutraal en spreekt iedereen aan. Wat kan daar nu fout aan zijn.

    Als ik af zou moeten gaan op wat jij hier schrijft… dan zou ik jou sowieso mevrouw of mijnheer moeten noemen. Het spijt me… ik weet niet wie bovenstaande tekst heeft geschreven. Ik zie enkel staan Taaldokter. Dus schrijf ik best… geachte Taaldokter.

    Ben jij een man? Vind je het ok dat ik je dan mevrouw noem? Ben jij een vrouw? Vin je het dan ok dat ik je mijnheer noem? Ik betwijfel het!

    Dus mijn conclusie? Zolang we maar niet Genderdiverse taal gaan gebruiken. Dat deden we voordien ( en nu helaas nog altijd) door dames en heren te zeggen. Er van uitgaande dat er enkel mannen en vrouwen zouden zijn. Want dat klopt niet. Aanvaard dat nu eindelijk! Er bestaan nu eenmaal meerdere genders. En om dan Genderdivers te gaan spreken of schrijven brengt ons tot een aanspreekvorm die oneindig lang zou worden.

    Genderneutraal spreken of schrijven is absoluut een aanrader. Het is de enige oplossing. Taal groeit en evolueert naargelang de waarden en normen van de maatschappij.

    1. Dag Yente,

      Of verwijzingen en aanspreekvormen worden aangepast, hangt gelukkig niet af van jou en mij. In (het oordeel over) taalontwikkeling gelden de wetten van de meerderheid: als die bepaalde vormen overneemt, worden die de norm. Iedereen kan wel van alles wensen, maar die wensen inwilligen kan alleen een meerderheid van de taalgebruikers.
      In de praktijk kun je ‘hij’ en ‘zij’ vaak goed vermijden, bijvoorbeeld door het meervoud te gebruiken. Voor aanspreekvormen is dat anders, maar iedereen die dat wil kan te kennen geven hoe ie wil worden aangesproken.
      Zelf betreur ik (mannetje) de teloorgang van ‘Geachte dames en heren’ om de genoemde redenen: het werkt een nogal zielloos taalgebruik in de hand, waaruit de spontaniteit, het stijlgevoel en een zekere wellevendheid dreigen te verdwijnen. Maar het staat eenieder natuurlijk vrij om mij naar eigen inzicht aan te spreken, waarbij je -als het goed is- nadenkt over de mogelijke gevolgen daarvan, zoals ik dat ook doe.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.